BlinfoTec

Informatie voor computergebruikers met een visuele handicap.


Inhoud| Zoeken| Nieuws| BlinfoTalk| bijdragen| Contact


VAN COLUSSUS TOT DOS

Terwijl 'Colossus' en de 'Harvard MK1' gezien worden als de prototypes van de eerste generatie computers, kan je pas van 'ENIAC' zeggen, dat het een echte computer was. ENIAC (Electronic Numerical Integrator and Computer) was gebouwd in 1946, en bevatte 18 duizend elctronen buizen. Het apparaat woog 30 ton, en consumeerde 25 KiloWatt electrisch vermogen. ENIAC was in staat omhonderd duizend berekeningen per seconde uit te voeren, en kon tegelijkertijd een overdekt zwembad verwarmen.

Een heel belangrijke ontwikkeling was de uitvinding van de transistor, in 1947. Dit leverde niet alleen de transistor radio op, maar maakte ook veel kleinere computers mogelijk. Computers, die gebruik maakten van transistors worden gerekend tot de tweede generatie. Dit waren voor huidige begrippen nog steeds enorme machines, die hun gegevens van ponskaarten lazen, en een behoorlijke hitte verspreidden.

Het gebruik en de verspreiding van computers kwam pas echt tot ontwikkeling, na de uitvinding van het geintegreerde circuit, de 'micro chip'. De eerste chip werd in 1958 afgeleverd,drie jaar na de geboorte van William Henry Gates, maar chips zouden pas in 1963 op grote schaal in computers worden toegepast. Deze computers behoren tot de derde generatie.

Mijn eerste kennismaking met computers was met de IBM 360, die eind jaren zestig gebruikt werden bij grote bedrijven en universiteiten. Deze computers werden met 'mainframes' aangeduid, en stonden opgesteld in airconditioned ruimtes, waarin speciale kleding werd gedragen. Onze belangrijkste bezigheid was, om uit te leggen, waarom het niet kon met de computer, en hoe duur het allemaal wel was. 'Dat kan ook met een rekenmachine' was een veel gehoorde uitroep.

Op 15 November 1971 introduceerde Intel 's werelds eerstecommerciele micro processor, de 4004, en luidde daarmee de vierde generatie van computers in. De computers die we vandaag de dag gebruiken, behoren nog steeds tot die vierde generatie. De 4004 kon slechts 60 duizend instructies per seconde uitvoeren, (40 duizend minder dan 'ENIAC'),maar zijn opvolger, de 8086 was al een stuk sneller. De micro processor, en Intel's 'RAM chip', een uitvinding die het mogelijk maakte om vluchtige data in een enkele chip op te slaan, maakte de computer steeds kleiner en sneller.

Tijdens dit proces van verkleining, veranderde de naam van 'mainframe' eerst in 'mini computer', en later in 'micro computer'. Van een middelgrote vergader zaal met talloze kasten, gevuld met transformatoren en electronen buizen, kromp de computer tot een doos, waarin een plaatje epoxy zat, waarop enkele tientallen chips waren gesoldeerd. De volgende ontwikkelingen, waaronder een dalende prijs, en het feit, dat je het apparaat nu onder je arm kon nemen, zouden tot de naam 'personal computer(P C)' leiden.

De eerste P C was de MITS Altair 8800, uitgebracht in 1974. Deze computer zou een belangrijke rol spelen in de verdere ontwikkelingen van computers en software. Om die rol toe te lichten, moeten we even dit technische verhaal verlaten, en ons kort bezig houden met de al eerder genoemde William Henry Gates, beter bekend als 'Bill'.

MICRO-SOFT

Bill Gates werd in 1955 geboren in een zaken gezin in Seattle, Washington, en leidde een comfortabele jeugd. Al op de lagere school blonk hij uit in wiskunde en wetenschap, en werd toegelaten op de Lake Site Prep School, waar het hoge niveau een prima kweekkvijver vormde voor de leergierige Bill. Hier kwam hij in 1968 in aanraking met computers. Omdat computers nog te groot en te duur waren voor de school, werden door het school bestuur contacten gelegd met bedrijven, die bereid waren computer tijd af te staan aan veelbelovende leerlingen. Bill, en zijn maatje Paul Allen, samen met nog enkele anderen, werden in de gelegenheid gesteld, zich te gaan verdiepen in 'computing', wat ze maar al te graag deden. Ondanks het feit, dat de jongelui door verschillende bedrijven uit de computer ruimte werden verbannen, doordat ze regelmatig de systemen lieten crashen, werd het na een tijdje gewoonte, om de jongens in te huren, als er problemen met de computer waren. Op deze wijze deden Gates en Allen een schat aan ervaring op, die geen school had kunnen leveren.

In 1973 ging Bill rechten studeren aan de Harvard Universeteit, maar bracht zijn meeste tijd door in de computer ruimte van de school. Paul Allen verhuisde naar Boston, om bij Bill Gates in de buurt te zijn, en samen droomden ze ervan, ooit hun eigen bedrijfje te hebben. In Juni 1973 mogen we uit de mond van Bil Gates optekenen, dat hij van plan is, om voor z'n vijf en twintigste miljonair te zijn.

Een jaar later ziet Paul Allen een plaatje van de MITS Altair op de omslag van een computer tijdschrift. Met het tijdschrift onder de arm, reist hij naar Harvard, en weet Bill ervan te overtuigen, dat de kans op het verwezenlijken van de droom voor het grijpen ligt. Het door beide heren ontwikkelde 'Beginners All Purpose Simple Instruction Code' programma, later bekend als BASIC, moet van de Altair een door iedereen te gebruiken computer maken. De makers van de Altair worden gebeld, en Paul en Bill worden uitgenodigd, het programma te komen demonstreren. De volgende dagen en nachten werkt het tweetal koortsachtig aan de voltooiing van het programma. De nacht voor de demonstratie werkt Bill alleen door, terwijl Paul wat slaap probeert in te halen. Als Bill de volgende dag al in diepe slaap is verzonken, schrijft Paul in het vliegtuig de code over op de tape die in de Altair zal worden gevoerd. Als hij aankomt, is het werk klaar, maar de software is nog nooit getest.

Klik op It Worked , om het verhaal van Bill en Paul zelf te horen.

De demonstratie wordt een succes, en PC BASIC wordt gelicenseerd voor 3000 dollar in eens, en 30 dollar per verkocht exemplaar van de software. Het is deze verkoop methode, die er voor zal zorgen, dat Bill's droom, om even snel miljonair te worden, waarheid wordt. Een computer zonder software is een nutteloos ding, net zoiets als een auto zonder banden. De computer fabrikant wil zoveel mogelijk machines verkopen. Hij zorgt er dus wel voor, dat de software wordt mee verkocht.

Als Bil en Paul er in slagen om het 'Disk Operating System', DOS, dat ze voor een klein bedrag van een bevriend programmeur over nemen, aan IBM te licenceeren, is de basis onder Micro-Soft, (het streepje wordt pas later verwijderd), gelegd.


Inhoud| Zoeken| Downloads| bijdragen| Nieuws
Disclaimer, Copyright ©2002 - 2009 RMPRO All rights reserved.
Naar Vorige Pagina